door Dennis · 28 oktober 2026

Het is weer zover. Elk najaar zie ik collega’s op de IT-afdeling nerveus naar hun telefoons kijken. Er is weer een nieuwe generatie iPhones op de markt, en traditiegetrouw zie ik binnen drie weken de eerste barsten in de schermen verschijnen. Men noemt dit technologie op het hoogste niveau, maar ik zie vooral breekbare consumentenelektronica.
Gisteren liet een collega zijn nieuwste aanwinst vallen op de tegels van het parkeerterrein. Het resultaat: een compleet spinnenweb aan gebroken glas en een behoorlijke deuk in zijn humeur. Ik keek ernaar vanuit mijn Saab uit 1997. Een auto die nog gebouwd is volgens het principe dat spullen tegen een stootje moeten kunnen.
Mijn kritiek op de moderne smartphone laat zich simpel samenvatten:
1. Kwaliteit is vervangen door esthetiek. Glas hoort in een raamkozijn, niet op de behuizing van een gebruiksvoorwerp dat je dagelijks in je broekzak steekt.
2. Repareerbaarheid is een vies woord geworden. Vroeger klikte je voor een tientje een nieuw frontje op je telefoon als hij uit je handen glipte. Nu ben je de helft van de dagwaarde kwijt aan een Schermreparatie.
3. Het dwingt een bizarre schijnvoorzichtigheid af. Je koopt een strak vormgegeven apparaat van veertienhonderd euro om er vervolgens een lelijk rubberen hoesje omheen te moeten vouwen.
Ik houd het voorlopig wel bij mijn vertrouwde, oudere hardware. Het doet wat het moet doen, de accu gaat drie dagen mee en het blijft heel als het een keer van de werkbank rolt.
Hoe kijken jullie hiertegenaan? Zijn jullie die kwetsbare glazen tegels ook zat, of accepteren we dit simpelweg als de prijs van 'vooruitgang'? :)
Nog geen reacties.





